Verschil tussen jongens en meisjes bij de centrale eindtoets basisonderwijs

Lex Borghans en Tyas Prevoo (Universiteit Maastricht) | 07 augustus 2015


De centrale eindtoets van Cito van dit voorjaar leverde opmerkelijke resultaten op. In tegenstelling tot de scores van de afgelopen jaren, was het gemiddelde van meisjes hoger dan het gemiddelde van jongens. Aanleiding om te kijken naar de verschillen tussen jongens en meisjes bij de centrale eindtoets.

De eindtoets is opgebouwd uit vragen over verschillende onderdelen. Onderstaande tabel geeft per onderdeel het percentage goede antwoorden voor jongens en meisjes, in volgorde van het verschil tussen meisjes en jongens in 2014. Het gaat om gegevens van 147 basisscholen in Zuid-Limburg.

Tabel 1: Verschil in score Cito-eindtoets tussen jongens en meisjes op de verschillende onderdelen (2014 en 2015)

Verschil meisjes / jongensVragen MeisjesJongensVerschil
aantal% goed% goed% goed
20142015201420152014201520142015
Subonderdeel
Taal: interpunctie-15-78,3-71,5-6,8
Taal: schrijven302079,775,875,368,44,57,4
Taal: spellingwerkwoorden101068,374,164,267,54,16,5
Taal: spelling niet-werkwoorden101075,580,172,8772,83,1
Taal: grammatica-15-76,6-72,3-4,3
Taal: begrijpend lezen30257576,274,774,30,31,8
Studie: informatiebronnen10-75,1-75-0,1-
Taal: opzoeken-10-77,2-75,4-1,9
Studie: studieteksten10-80,5-80,7--0,2-
Taal: samenvatten-10-79,1-77,7-1,4
Taal: woordenschat202068,967,969,667,7-0,60,2
Wereld: natuuronderwijs303064,965,965,768,1-0,8-2,2
Studie: tabellen en grafieken10-69,8-71,5--1,7-
Studie: kaartlezen10-72,5-75,2--2,7-
Rekenen: meten en meetkunde152064,171,468,474,5-4,3-3,1
Wereld: geschiedenis303066,968,672,272,8-5,3-4,2
Rekenen: getallen253068,575,674,376,5-5,8-1
Rekenen: verhoudingen202067,369,773,775,7-6,4-6
Rekenen: verbanden-15-65,6-70,4--4,8
Wereld: aardrijkskunde303061,662,669,369,9-7,7-7,3
Hoofdonderdeel
Taal10013574,675,672,671,923,7
Rekenen60856771,572,674,8-5,6-3,3
Studievaardigheden40-74,7-75,8--1,1-
Wereldoriëntatie90906465,769,570,3-5,5-4,6
Totaal (excl. wereldoriëntatie)20022072,57473,473-0,91

In 2014 had de Citotoets 200 vragen voor taal, rekenen en studievaardigheden. In 2015 waren dat er 220. Daarnaast nemen sommige scholen ook nog de vragen voor wereldoriëntatie af. Deze 90 vragen tellen echter niet mee bij de bekende score die tussen 500 en 550 ligt. In 2015 zijn de onderdelen die bij studievaardigheden hoorden verdwenen. Het gaat om studieteksten, informatiebronnen, kaartlezen en schema’s, tabellen en grafieken. Deze vrijgevallen 40 vragen en 20 extra vragen zijn benut om meer onderdelen bij taal en rekenen te kunnen onderscheiden: samenvatten, opzoeken, grammatica, interpunctie en verbanden. Ook is het aantal vragen per onderdeel veranderd. Soms meer, soms minder.

De veranderingen in de opzet van de toets zouden een verklaring kunnen zijn voor de verschuiving van de score van jongens ten opzichte van meisjes. Dit blijkt echter niet zo te zijn. Meisjes scoorden in het verleden beter in taal dan jongens, maar jongens juist weer beter in rekenen. Doordat er zowel meer taal- als rekenvragen bij zijn gekomen, blijft deze verhouding in balans. Jongens scoorden ook iets beter op studievaardigheden, maar het verschil bij deze verdwenen vragen is te klein om de verschuiving tussen de scores van jongens en meisjes te kunnen verklaren.

Wat echter opvalt bij de vergelijking tussen 2014 en 2015 is dat bij zowel taal als rekenen het verschil tussen jongens en meisjes in het voordeel van meisjes is verschoven. Met uitzondering van natuuronderwijs is bij ieder onderdeel dat zowel in 2014 als in 2015 is afgenomen het resultaat ten gunste van meisjes verschoven. Gemiddeld gaat het om een verschuiving van 1,9 procentpunt. In 2014 hadden jongens 0,9 procent meer vragen goed. In 2015, 1 procent minder. De rangorde van de onderdelen die in 2014 nog niet bestonden is daarom gebaseerd op het scoreverschil van dit jaar plus 1,9.

Het nieuwe onderdeel interpunctie staat bovenaan deze gerangschikte lijst van onderdelen. Meisjes doen het op dit onderdeel dus veel beter dan jongens. De volgende onderdelen op de lijst zijn schrijven en de spelling van werkwoorden en de spelling van niet-werkwoorden. Bij taal zijn de relatieve prestaties van jongens het hoogst bij de onderdelen woordenschat en samenvatten. Jongens behalen juist betere resultaten dan meisjes bij de onderdelen van rekenen en wereldoriëntatie, met name bij aardrijkskunde, verhoudingen, en getallen. Het rekenonderdeel waarin meisjes relatief het slechtst in zijn is het onderdeel meten en meetkunde.

De vraag die rest is waarom de relatieve prestaties van jongens zo sterk zijn gedaald ten opzichte van die van meisjes. Omdat de samenstelling van de toets niet de oorzaak lijkt te zijn, en er ook geen trendmatige ontwikkeling in deze richting is te zien, ligt het voor de hand dat de latere afname van de toets de oorzaak is. Voor veel leerlingen stond er niet veel meer op het spel bij de afname van de eindtoets. Veel leerlingen zullen immers een advies hebben gekregen waar ze tevreden mee waren. Alleen voor degenen die het advies tegen vonden vallen stond veel op het spel.

Enkele jaren geleden heeft een onderzoeker van Cito resultaten laten zien waaruit blijkt dat de prestaties van leerlingen op de Citotoets teruglopen als er minder op het spel staat. Dat kan nu ook de verklaring zijn. Wellicht zijn jongens hier gevoeliger voor dan meisjes. Voor wat betreft het percentage juiste antwoorden verschilt 2015 niet veel van 2014, maar meestal zijn er schommelingen van jaar tot jaar omdat de moeilijkheidsgraad van de vragen niet constant is. Op basis van een psychometrische analyse wordt hiervoor gecorrigeerd. Het ziet er naar uit dat dit jaar de vragen iets eenvoudiger waren dan vorig jaar en de scores dus eigenlijk hadden moeten dalen, maar dat de Commissie voor Toetsen en Examens de toetsscores heeft verhoogd om deze daling als gevolg van het afgenomen belang te compenseren. Gemiddeld genomen heeft die correctie de scores ongeveer constant gehouden, maar voor meisjes betekent dit dat ze hoger uitkomen en voor jongens dat ze lager uitkomen.

Toetsen
delen:  
Gesprek laden

Zelf een bijdrage schrijven? De Educatieve Agenda Limburg is ook een platform waar docenten, onderzoekers en ouders stukken met elkaar delen.